Handicap
De antidiscriminatiewet van 10 mei 2007 voorziet geen definitie voor het begrip ‘handicap’. Het Centrum geeft er een brede invulling aan:
– fysieke en sensoriële gezondheidsproblemen;
– chronische en degeneratieve ziekten;
– genetische ziekten;
– mentale of verstandelijke beperkingen;
– fysieke of mentale beperkingen ten gevolge van een arbeidsongeval, een beroepsziekte;
– enz…
Gelijke behandeling van personen met een handicap
Iemand met een handicap mag in een vergelijkbare situatie niet nadeliger behandeld worden dan iemand zonder handicap. Zo is het bijvoorbeeld verboden om te weigeren aan iemand een appartement te verhuren louter omwille van de handicap van de kandidaat-huurder.
In bepaalde gevallen, met een redelijke en objectieve rechtvaardiging, kan een verschil in behandeling wel worden toegestaan. Aan een persoon met een zware handicap kan bijvoorbeeld geweigerd worden dat hij of zij deelneemt aan een sportieve activiteit met veel risico’s en waarvoor een grote autonomie nodig is.
Op het gebied van arbeid is de wezenlijke en bepalende beroepsvereiste, wat verschilt van de evaluatie van de vereiste bekwaamheden voor een specifieke functie, de enige rechtvaardiging voor een verschil in behandeling.
In bepaalde gevallen, met een redelijke en objectieve rechtvaardiging, kan een verschil in behandeling wel worden toegestaan. Aan een persoon met een zware handicap kan bijvoorbeeld geweigerd worden dat hij of zij deelneemt aan een sportieve activiteit met veel risico’s en waarvoor een grote autonomie nodig is.
Op het gebied van arbeid is de wezenlijke en bepalende beroepsvereiste, wat verschilt van de evaluatie van de vereiste bekwaamheden voor een specifieke functie, de enige rechtvaardiging voor een verschil in behandeling.
Elke situatie is uniek en moet bekeken worden in functie van de wet door rekening te houden met de aard van de handicap, de context en alle andere relevante elementen die ons helpen een beeld te vormen van het discriminatoire karakter van de situatie.
Redelijke aanpassingen
Omdat een handicap dikwijls het gevolg is van een onaangepaste omgeving, kunnen concrete aanpassingen in specifieke situaties nodig zijn om obstakels weg te werken zodat personen met een handicap ook kunnen deelnemen aan een activiteit, de arbeidsmarkt, of ook kunnen genieten van een dienst.
Zo voorziet de wet dat het ontbreken van redelijke aanpassingen voor een persoon met een handicap een discriminatie inhoudt.
Voorbeelden:
– Een slechthorende persoon mag vragen om zich tijdens een sollicitatiegesprek te laten
assisteren door een gebarentolk.
– Een persoon met een mentale beperking zal met begeleiding kunnen werken in een bedrijf.
De evaluatie van de redelijkheid van de aanpassing gebeurt aan de hand van de organisatorische en financiële kost, het bestaan van compenserende maatregelen en tegemoetkomingen zoals bij aanpassingen van de arbeidspost, maar ook de investering over de tijd zal meespelen, enz…
In samenwerking met het Centrum heeft FOD Werkgelegenheid een brochure opgesteld over redelijke aanpassingen in het domein van de arbeid. Deze kan u downloaden door hier te klikken.
België voorziet veelvuldige financiële tegemoetkomingen voor de aanpassingen van de arbeidspost in het kader van tewerkstelling. Ook bestaan er compenserende subsidies om de kosten te dekken die de werkgever eventueel moet dragen bij de aanwerving van een persoon met een handicap. De meeste van deze tegemoetkomingen worden beheerd door regionale agentschappen: in Vlaanderen door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, in het Brussels Gewest door de Service bruxellois francophone des personnes handicapées en in het Waalse Gewest door het Agence Wallonne pour l’Intégration des Personnes Handicapées.
Toegankelijkheid
Het Centrum heeft een stand van zaken opgemaakt van de wetgeving en de reglementering met betrekking tot de toegankelijkheid van de bebouwde omgeving voor personen met een beperkte mobiliteit en voorkomende problemen bij de toepassing hiervan, dit zowel op federaal niveau als op het niveau van de drie regio’s van dit land.
Regelmatig ontvangt het Centrum meldingen van personen met een beperking die hinder ondervinden bij het betreden van gebouwen: openbare diensten, culturele centra, banken, scholen, bioscopen… Daarom heeft het Centrum de problematiek rond de toegankelijkheid van publiek toegankelijke gebouwen (zowel openbaar als privé) voor personen met een beperkte mobiliteit nader willen bekijken.
Uit deze studie blijkt dat er heel wat wetgeving bestaat, maar deze te weinig gekend of gerespecteerd is. De grootste lacune is het gebrek aan regelgeving met betrekking tot bestaande gebouwen. Het Centrum formuleert talrijke aanbevelingen in deze studie, gaande van het verrichten van sensibiliserings- en vormingswerk rond toegankelijkheid, het screenen en het systematisch toegankelijk maken van bestaande gebouwen, tot het opvoeren van de controle op de toepassing van bestaande wetgeving terzake, enz.
U kan deze studie hier downloaden.
top


Print this page